Onder die steen van mij

Aan het nieuws dat mijn grote held Musje van Meijeren heeft opgeroepen tot – pardon, heeft gespeculeerd over – het bezetten van ons parlement, kan ik natuurlijk met geen mogelijkheid voorbijgaan. Sinds hij opdook uit de modder waarschuw ik al voor het gevaar van deze opvolger van Anton. Nu het eindelijk zover is de wrange vruchten te plukken, kan ik niet doen alsof ik er niet ben. Hoe graag ik dat ook zou willen, want smakelijker wordt het er allemaal niet op.

Er zullen dwazen zijn die gehoor geven aan de oproep – pardon, de speculatie. Ze zullen zich verzamelen in Limburg en daar beginnen aan hun lange mars ter bevrijding van Nederland. Pas als het doel is behaald, zullen hen de schellen van de ogen vallen. Maar dan zal er niets anders opzitten dan de spreekwoordelijke put te dempen na het verdrinken van het democratische kalf. We hebben het zo gewild en dus kunnen we het zo krijgen.

Mijn laatste hoop ontleen ik aan de recente verkiezingen in de Verenigde Staten. Als iedereen denkt dat het doek is gevallen, sprankelt er ergens nog een klein lichtje van verzet. Verzet tegen de waanzin van figuren die menen dat het bezetten van een parlement thuishoort in de gereedschapskist van iedere oprechte democraat. Geef die Amerikanen de Nobelprijs voor de Vrede, zou ik zeggen. Of geef het ding aan Musje van Meijeren. Omdat hij uitdrukkelijk heeft gezegd het vreselijk te zullen vinden als er tijdens het bezetten mensen sneuvelen. Natuurlijk vindt hij het vreselijk. Je hoeft hem maar aan te kijken om dat te weten.

Een door de eeuwen beproefde wijsheid luidt: ‘Wie wind zaait, zal storm oogsten.’ Ergens hoop ik dat de Kamerleden van andere partijen zich dit aantrekken. Ze kunnen er nu de ogen voor sluiten, maar het waren hun persoonlijke aanvallen op de premier en zijn bewindspersonen, die het speelveld effenden voor de ellende waarmee we nu te maken hebben. Esther Ouwehand heeft na het opvrijen van het rechtse deel van de Kamer besloten dat het toch maar beter is zich even met een burn-out terug te trekken. Dan kan ze later tenminste zeggen het allemaal niet haar schuld was. Het zijn altijd dezelfde types die kans zien een achterdeur voor zichzelf open te houden. Met wijd opengesperde ogen zal zij na het verdrijven van Musje door de verwoeste tempel van onze Democratie dwalen. Waarschuwde zij niet al zolang dat nog meer ‘VVD van Mark Rutte’ tot de ondergang zou leiden? Zien we nu in hoe goed ze het zag?

Meestal lukt het mij wel ergens een komische noot te ontdekken. Deze keer moet ik echter passen. Musje mist het talent mij aan het lachen te krijgen met zijn dolle streken. Het enige waarin hij goed is, is het ophitsen – pardon, speculeren over de mogelijkheid dat minder ontwikkelde landgenoten zijn woorden zo opvatten – tot revolutionaire praktijken. Wie vroeg ooit om medelijden voor hem en zijn arme veste? Het huilen stond hem natuurlijk ook nader dan het lachen. De democratie krijgt het vol voor de kiezen, maar hopelijk kiezen Musje en zijn volgers een route die niet via mijn woonplaats Oisterwijk loopt. Ik zit prima onder die steen van mij.



Twitter Facebook LinkedIn Volgen


Onder die steen van mij

Totaal overdonderd

Een bepaald type mens

Zwartekousenpiet

Op die manier

Politiek van de achterbank